Bencke Benckes[1].

 

De band tussen de invloedrijke 18e eeuwse Staverse familie Binkes, met de familie van Jacob Benckes uit Koudum, was tot dusver onduidelijk. In bestaande genealogieën wordt gesuggereerd dat de Binkes familie afstamt van een broer van Jacob Benckes. Dit hoeft niet onjuist te zijn, wel zijn deze genealogieën onvolledig, zeer beknopt en  geven ze geen bronvermelding.[2]

 

In de bestaande genealogieën is Jacobs vader Bencke Benckes (overleden ong.1646) de oudste gevonden voorvader. Zijn naam was een patroniem, dus eigenlijk Bencke Benckesz(oon) en daarom dezelfde als bij de Benckes' in de generaties na hem. Wat bij het onderzoek soms voor verwarring zorgde. Bepaalde Benckes' komen ook nog eens weinig in de boeken voor. Identificatie van de verschillende personen met de naam Bencke Benckes of Bin(c)ke Bin(c)kes is dan ook niet eenvoudig gebleken, de gevonden handtekeningen brachten uiteindelijk enige duidelijkheid. Om onderscheid te kunnen maken, heb ik Jacob Benckes' vader aangeduid als senior. De anderen met aan hun namen toegevoegd: hun woonplaats op volwassen leeftijd. Bencke Benckes Senior en Jacobs moeder, Rinckje Jacobs Hennema, hadden waarschijnlijk beide een andere relatie voor ze samen en gezin stichtten. Want Jacob had een halfzuster van moederskant, Jarich Jarichs genaamd.

 

Bencke Benckes (uit Hindeloopen) (1612 - ong. 1650) was waarschijnlijk geen volle broer, maar een halfbroer van vaderskant. In 1641 is deze Bencke Benckes uit Hindeloopen "grootschipper van Coudum," in 1647 staat hij vermeld als vroedsman van Hindeloopen. Het Hindelooper stadbestuur heeft in 1647, bij het opgeven van de leeftijden van de vroedslieden aan de stadhouder,  "XXXV" achter zijn naam vermeld, geboortejaar 1612. (Als het stadsbestuur geen kruisje te veel heeft gezet om de stadhouder te behagen, in dat geval stijgt de kans dat hij wel een volle broer was.) Uit de floreenboeken van Hindeloopen is op te maken dat hij tussen 1644 en 1647, naast of in hetzelfde huis woonde als Allert Roos, zijn schoonvader. Wiens dochter Ewart Aelerts  weduwe is van "Bincke Binckes", als zij in juli 1654 hertrouwt met Otte Idses (Hennema) uit Koudum.

 

Bincke Binckes uit Hindeloopen wordt als schipper op "de Liefde" genoemd in de lijst: Houtschippers op Noorwegen 1647 en 1648 . Jacob Benckes' broers Haitje en Joucke staan ook in deze lijst. Als Koudumer grootschipper schreef hij zijn naam naar goed familiegebruik als Bencke Benckes, als vroedsman van Hindeloopen tekende hij als Bincke Binckes.

 

Zijn zoon nam deze schrijfwijze over. Bincke Binckes (uit Staveren) (ong 1646 - na 1711) werd burgemeester van Staveren, hij is de voorvader van de achttiende-eeuwse Staverse regentenfamilie Binkes. Bincke Binckes uit Staveren trouwde in 1667 in de gereformeerde kerk van Staveren met Gerbrich Folkerts Schellinger. Gerbrich is een achternichtje van Tied Galties, de vrouw waarmee Jacob Benckes in 1657 te Staveren trouwde. Op 15 april 1668 aanvaardde het jonge stel Bincke en Gerbrich een erfenis, beide waren toen nog minderjarig. Op 25 april 1671 werd Bincke Binckes uit Staveren gekozen in de Staverse vroedschap, hij had ook regelmatig de functie van burgemeester. Tussen 1695 en 1711 adviseerde hij de stadhouder over de burgemeestersverkiezingen in Staveren. In 1721 kwam Tied Ottes, de halfzuster van Bincke Binckes uit Staveren, op voor de belangen van twee schoondochters en een aantal kleinkinderen van haar halfbroer,  hijzelf en geen van zijn acht kinderen waren in 1721 meer in leven.

 

In de boedelbeschrijving van Hein Sjoerds en Grietje Haaytjes, - dochter van Staverse burgemeester Haaytje Binckes, - wordt genoemd een zilveren lepel met het opschrift: "Binke Binkes de Jonge obit den 28e Decemb 1699, maekelaer". Bincke Binckes de Jonge (1670 - 1699)  is de jong overleden zoon van Bincke Binckes uit Staveren en Gerbrich Folkerts Schellinger.

 

 In Molkwerum woonde een Bencke Benckes, geen directe familie van de Koudumer tak. Hij staat vermeld in 1651 in het lidmatenboek van de Doopsgezinde kerk te Molkwerum. Twee bevrachtingscontracten, opgemaakt door een Amsterdamse notaris, uit maart 1655 respectievelijk maart 1656, zijn ondertekend door "Bencke Benckes van Molqeren", als schipper op "de Roode Cameel". Toevoeging van de woonplaats door de ondertekenaar was bij deze contracten niet gebruikelijk, omdat de woonplaats van de schipper in de meeste gevallen door de notaris in de tekst werd vermeld. Bencke Benckes uit Molkwerum heeft op deze wijze verwarring met een naamgenoot willen uitsluiten. De kans op verwarring was reëel, want tussen 1640 en 1650 voeren zowel Bencke Benckes van Molqeren, als Bincke Binckes uit Hindeloopen, met de scheepsnaam "de (jonge) Liefde". Scheepsnamen bleven vaak generaties lang in de familie, het is dus aan te nemen dat ook Bencke uit Molkwerum tot dezelfde stam behoorde.

 

Naast de vier genoemde Bincke Binckes’ kent de familie nog minstens twee naamgenoten:

Binke (Haitjes) Binkes, scheepmakelaar te Amsterdam, een neef van Jacob Binckes

Binke (Simons) Binkes, geboren 1702, een kleinzoon van Bincke en Gerbrich, secretaris van het Staverse stadsbestuur.

 


[1] De meeste familieleden houden zelf de spelling Benckes aan, derden schrijven meestal Binckes, 18e en 19e eeuwse leden van de familie gebruiken Binkes als achternaam.

[2] O.a. Nederlands patriciaat.

 


Terug naar inhoudsopgave

 

Gewijzigd op: 8 april 2009