Jan Rinwers
Algemene notities:
24 juni 1657 Het testament van "Rinwer Jacobs grootschipper binnen Hindelopen" geregistreerd bij het hof van Friesland (hij overleed al begin maart 1657). Als mogelijke erfgenamen worden genoemd: "Mijn jegenwoordige soone Jan Rinwers" .... "sijn Jan Rinwers half broeder Sierd Sierds" ........"mijn testators broeder Ids Jacobs ende mijn suster RinckJacobs" Tresoar, toegang 14, EEE2 folio 39.
14 mei 1660 Joucke Binckes Hinnema geeft een schuldbekentenis af van twaalfhonderd gulden aan: "haijtie Binckes ende Otte Idses voogden over Jan Rinwaerts te samen wonende tot hinlopen" Tr 13-18 nr 35, folio 533
26 juli 1664: De echtelieden Cornelis Jansen en Ansch Tjeerds herbergiers te Koudum bekennen 800 gulden schuldig te zijn aan Jan Rinwers. Akte ingeschreven 10 setember 1664. R.A.F. 13-18 nr 35 blz 760
27 april 1672 Jan Rinvers wordt aangeslagen voor de betaling van 16 gulden zoutgeld over een getaxeerd bezit van 14.000 gulden, hij is een van de hoogst aangeslagenen. Gemeentearchief Nijefurd, 01 overheidsarchieven HON, nr 18, Staat van 't Soutgelt gemaeckt nae de Tauxatie van de goederen van de Ingesetenen in de Grietenije van Hemelumer olphart ende Noordwolde. Volgens resolutie van de edel mogende heren Staten van 't landt in dato de 27e April 1672 .
|